Zo kies je een omvormer
Een omvormer heeft twee vermogens: het continu vermogen, dat alles moet dekken wat tegelijk aanstaat (met marge), en het piekvermogen, dat de aanloop van motoren en compressoren moet kunnen hebben.
Voorbeeld
Koelkast (150 W), tv (100 W), verlichting (50 W) en magnetron (900 W) is samen 1.200 W. Met 25 % marge: omvormer van 1.500 W met minstens 2.200 W piek. Op 12 V trekt hij ongeveer 111 A uit de accu.
Welke accuspanning?
Vanaf ongeveer 2.000 W loont 24 of 48 V: de stroom halveert of wordt een kwart, en de kabels worden veel dunner en goedkoper. Sluit de 230V-uitgang van een omvormer nooit zomaar aan op de vaste installatie van je huis; dat is werk voor een erkend installateur.
Veelgestelde vragen
Welke omvormer heb ik nodig voor een koelkast?
Minstens 1.000 W continu en 2.000 W piek, met zuivere sinus.
Zuivere of gemodificeerde sinus?
Zuivere sinus voor koelkasten, motoren en elektronica. Een gemodificeerde sinus is alleen geschikt voor eenvoudige ohmse belastingen.
Waarom is de accukabel zo dik?
Op 12 V is de stroom erg hoog: een omvormer van 1.500 W trekt meer dan 130 A.